Bijbelmeditatie bij de derde adventszondag

Zondag 14 december 2025

Derde zondag van de advent

Jes. 35, 1-6a. 10, Ps. 146 (145), 7. 8-9a. 9bc-10, Jak. 5, 7-10, Mt. 11, 2-11

Vandaag vieren we de derde zondag van de advent, Gaudete-zondag, de zondag van de vreugde. Halverwege deze voorbereidingstijd licht al iets op van wat komt: de komst van onze God, die steeds dichterbij komt.

Jesaja verkondigt een wereld waar woestijn en dor land weer zullen bloeien. Hij kondigt een waardig, vreugdevol nieuw leven aan dat verschijnt op plekken die allang afgeschreven waren: blinden zullen terug zien, doven horen, lammen opspringen, melaatsen worden genezen, en aan armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd. Het zijn tekenen dat God zelf nabij komt. Maar zoals Jakobus schrijft, is er geduld en hoop nodig om die belofte te ervaren. Zoals een boer wacht op de regen die hij niet zelf kan maken, zo wachten wij op Gods komst, zo zegt Jakobus. Wij kunnen veel, maar het is God die bepaalt wanneer Hij komt en hoe Hij werkt. Dus geduld! Het is geen passieve houding, maar een houding van vertrouwen, van volharding, van een hart dat blijft openstaan voor het onverwachte.

Dat zien we ook bij Johannes de Doper. Hij zit gevangen, letterlijk en figuurlijk in het donker, en hij verneemt dat Jezus tussen de mensen op aarde is, en hij begint te twijfelen:“Zijt Gij de Komende of moeten we een ander verwachten?” Het is zo menselijk dat we bevestiging nodig hebben, als we iets zien gebeuren dat we niet kunnen vatten. Ook wij kennen die momenten waarop onze hoop wankelt, waarop we niet meer weten of God écht aan het werk is in onze wereld, in onze Kerk, in ons eigen leven. Jezus neemt het hier op voor de gevangengenomen Johannes. Niet aan de kledij zullen we de uitverkorenen herkennen. Zijn kleed van kameelhaar en lederen riem overtuigden de menigte niet. En toch, zo zegt Jezus, is hij over wie geschreven staat: ‘Zie, ik zend mijn bode voor U uit, om voor U een weg te banen.’

Ook nu worden Gods tekens vaak niet herkend omdat ze niet passen binnen onze verwachtingen. Soms komen ze in de gedaante van mensen die anders zijn: mensen zonder stem, zonder status, zonder aanzien. Soms komen ze in de stille goedheid van mensen die zorg dragen voor wie uit het zicht is geraakt. En soms komen ze in de vorm van een vraag, een nood, een kwetsbaarheid – precies daar waar Jezus zelf het liefst verblijft.

Daarom klinkt de uitnodiging van deze zondag helder: baan Hem de weg. Laten we dit als uitnodiging aanhoren om een weg te banen voor mensen om ons heen. Dat mensen die ‘blind’ zijn – die geen perspectief meer zien – opnieuw uitzicht krijgen. Dat mensen die ‘lam’ zijn – die geen stappen meer durven zetten – gesteund worden om weer op te staan. Dat wie ‘doof’ geworden is – voor zichzelf of voor anderen – opnieuw gehoord wordt. Dat wie ‘melaats’ is – uitgesloten, gemeden – weer welkom wordt geheten. Denk aan de eenzame buur die wacht op een klein teken van nabijheid, de vluchteling die zoekt naar een plek waar hij niet verdacht wordt maar mens mag zijn, de familie die financieel of emotioneel vastloopt en even geen uitweg ziet, de jongere die worstelt met druk en verwachtingen, de ouderen die bang zijn om vergeten te worden, zij die psychisch lijden en nauwelijks horen dat hun leven ertoe doet.

Naar al deze mensen kunnen wij een weg banen – niet omdat wij de Messias zijn, maar omdat wij zijn komst voorbereiden en omdat we missionarissen van hoop willen zijn in woorden en daden. Ons geduld, onze aandacht, onze kleine daden worden zo deel van de vreugde die deze zondag kleurt.

Moge deze Gaudete-zondag ons helpen om dat licht te zien dat al doorbreekt, en om zelf een weg van licht te zijn voor elkaar.
 
Terug naar het overzicht