Bijbelse meditatie voor 30 oktober

30e week door het jaar – Even Jaar

Fil 1, 1-11  |  Ps 111  |  Lc 14, 1-6

In het evangelie van vandaag wordt op de sabbat een man met waterzucht bij Jezus gebracht. De aanwezigen in het huis van de farizeeër, waar Jezus was uitgenodigd voor het avondmaal, hielden Jezus nauwlettend in de gaten om te zien of hij de man zou genezen en daarmee de wet zou overtreden die volgens hen de sabbat heilig moest houden. Jezus, die de situatie doorzag en hun hypocrisie aan de kaak wilde stellen, vroeg hardop: “Mag men op sabbat iemand genezen of niet?” Ze weigerden te antwoorden. Dus genas Jezus de man en stuurde hem op weg. Vervolgens merkt hij op: “Wie van u zal terstond als zijn zoon of zijn os in een put valt, hem eruit trekken, ook al is het sabbat?” Ze raakten opnieuw sprakeloos, maar hun antwoord was duidelijk: natuurlijk zouden ze in zo’n situatie onmiddellijk hun zoon en zelfs hun dier redden.

Het ging dus niet om de wet en wat door God op de sabbat was toegestaan, maar om liefde. Ze hielden simpelweg niet van de man met waterzucht, net zoals ze zich eigenlijk niets aantrokken van de anderen die Jezus op de dag des Heren genas. Jezus was gekomen om te laten zien dat het mogelijk is om op de dag des Heren lief te hebben, goed te doen en te genezen.

“Jezus verbreekt de enge grenzen”, schreef paus Franciscus in zijn boodschap voor de Wereldmissiezondag 2019, „en roept [de leerlingen] op te groeien in het respect voor de waardigheid van man en vrouw.” De wet is gegrondvest op liefde voor God en voor de naaste. Ze is gegeven voor het leven, niet ertegen. Barmhartigheid is geen uitzondering op de wet, maar de diepste betekenis ervan.

Paulus opent in de eerste lezing zijn brief aan de Filippenzen met een gebed voor hen, opdat hun “liefde steeds rijker worden aan inzicht en fijngevoeligheid, om te kunnen onderscheiden waar het op aankomt.” Dit is wat Jezus in het evangelie openbaart: een liefde die ziet wat er werkelijk toe doet en daarnaar handelt.

Het is mogelijk om de regels te volgen en toch de kern van het evangelie te missen. Het is mogelijk om correct te zijn, en toch niet barmhartig. Paulus zegt dat het mogelijk is om liefde te ontberen, zelfs als men alle mysteries begrijpt, het geloof heeft om bergen te verzetten en de bereidheid om zijn lichaam over te leveren aan folteraars (1 Kor 1, 1-4). Jezus laat ons echter zien dat ware trouw aan God nooit losstaat van liefde en de verschillende uitingen daarvan, zoals barmhartigheid, mededogen en zorg.

Het verband tussen missie en barmhartigheid kan niet genoeg worden benadrukt. De hele zending van Christus is er een van barmhartigheid en Hij zendt ons uit als dienaren en missionarissen van die barmhartige liefde. De waarheid alleen is niet voldoende. Het moet ‘het geloof zijn dat door de liefde werkt’ (Gal 5, 6). Christenen zijn geroepen om te getuigen van Jezus, die ‘de Weg, de Waarheid en het Leven’ is (Joh 14, 6), maar die altijd barmhartig is, zoals God de Vader barmhartig is (Lc 6, 36), en ons juist door barmhartigheid tot heiligheid roept (Mt 5, 7).

Paus Franciscus schreef tijdens het Jubeljaar van de Barmhartigheid in 2016 op prachtige wijze over het verband tussen de barmhartigheid van God en de zending. Hij zei dat de Kerk „heeft de zending de barmhartigheid van God te verkondigen, het kloppend hart van het evangelie en haar te verkondigen in alle hoeken van de wereld, bereikbaar voor ieder mens, jong en oud. … De Kerk, temidden van de mensheid, is in de eerste plaats de gemeenschap die leeft uit de barmhartigheid van Christus. … Uit deze liefde komt haar opdracht voort. De Kerk leeft vanuit deze liefde en maakt haar bekend aan alle volkeren” (Boodschap voor de Wereldmissiezondag 2016)

Het is inderdaad niet alleen geoorloofd, maar ook prijzenswaardig om op de sabbat en op elke dag die God ons schenkt, het goede te doen. De Kerk leeft als getuige en zelfs als sacrament van Gods barmhartigheid. En het gebed van Paulus en alle heiligen is dat die barmhartige liefde steeds meer zal toenemen.